|
Wanneer men ziek of overspannen is, wil men het liefst zo snel als mogelijk
beter worden. Je dagelijkse gang van zaken is verstoord. Je wordt geremd in je
plannen. Je hebt afspraken gemaakt, je hebt verplichtingen na te komen, kortom,
dit komt wel heel slecht uit. Je moet en zal zo snel als mogelijk beter worden.
Soms ook is de last van het ziek zijn psychisch of lichamelijk zo zwaar, dat het
gewoon een natuurlijke reactie is om daarvan te willen af zijn.
Dit beter willen worden is nu helaas echter net de oorzaak ervan dat je niet
-fundamenteel-beter zult worden. Naast het reeds ziek zijn, schep je n.l. een
extra conflict, n.l. tussen de toestand die bestaat (het ziek zijn) en de
toestand die je wenst. Pas in de acceptatie van het ziek-zijn zit de sleutel van
het helen verborgen. Dit is voor veel mensen een moeilijk te begrijpen en te
accepteren gegeven.
Wij kunnen op verschillende manieren naar ziekte kijken. Wij kunnen het beter
willen worden bezien vanuit een korte termijnoplossing, waar men alleen verlost
wil worden van zijn specifieke kwaal; een operatie en medicamenten zijn daarvoor
de aangewezen oplossingen. Wij wijzen een dergelijke benadering volstrekt niet
af, maar daar willen wij het hier niet over hebben, aangezien het ons terrein
niet is. Wij kunnen immers ook op een veel fundamenteler -en dus veel
ingrijpender- wijze aankijken tegen ziekte en genezen willen worden. Wij gaan nu
in kort bestek bekijken hoe dat laatste in zijn werk gaat. Er zijn een aantal
-steeds principiëler- benaderingen mogelijk:
1) Wanneer iemand ziek is vraagt men vaak, wat mankeer jij? Dat betekent: wat
ontbreekt eraan?(1) Kennelijk 'weet' onze taal,
dat ziekte gevolg is van eenzijdigheid. Je leeft maar een deel van je potentiële
leven en je gebruikt maar een deel van je potentiële mogelijkheden en daarom is
er ziekte opgetreden.
Het bestrijden van ziekte heeft vanuit dit gegeven geen enkele zin. Je bestrijdt
n.l. datgene wat jou wil vertellen wat je verkeerd doet of wat verkeerd is in je
leven(s-opstelling). Je zult eerst tot het besef moeten komen wat er jou
ontbreekt. Dat doen wij door nauwlettend te kijken naar wat we doen, wat we
nalaten, wat we voelen, waar onze spijt en verlangens liggen, enz. Je kan
vervolgens je eenzijdigheden oplossen door het integreren van nieuwe ideeën en
gedragingen. Dan pas volgt -vanuit zichzelf- de genezing. De toevoeging 'vanuit
zichzelf' staat er niet voor niets. Deze houdt in dat effectief nieuw gedrag
nooit een gevolg kan zijn van doelbewust handelen.
2) Genezen heet ook wel helen. Helen betekent heel maken, ofwel compleet of één
maken. Pas wanneer je de tegenstellingen en eenzijdigheden in je leven doorziet
en accepteert, kan je heel worden. Je bent niet eenzijdig meer, maar je beweegt
je soepel tussen de polen van de uitersten. Ook het ziek zijn zelf moet je
accepteren. Dit is een gegeven, dat je wat wilt vertellen. Het bevindt zich aan
één pool, tegenover gezondheid.
Het ene afwijzen en het andere omarmen is een daad van splitsing, waardoor je
nooit tot heelheid zult geraken. Het eenzijdig bestrijden van de ziekte heeft ook vanuit
deze visie geen enkele zin, omdat je ziekte tegenover zijn pool gezondheid zet,
wat op zich al weer een daad van afwijzing ofwel splitsing is.
3) Beter willen worden betekent in dat geval het aangaan van conflict, terwijl
er al een conflict was, dat de ziekte heeft veroorzaakt. Wij hebben er dus een
extra conflict bij gekregen. Nu komen wij op een heel principieel inzicht. Zonder
dat inzicht blijven wij eeuwig in conflict met onszelf, en zal elke genezing slechts een
tijdelijk gebeuren zijn: Conflict ontstaat tussen tenminste twee partijen.
Wanneer er eenheid is, is er geen conflict.
De mens is met zich-zelf in conflict zolang hij een onderscheid maakt tussen
een 'ik' als centrale beoordelaar (=waarnemer) en een 'ik' als een te verbeteren
object (=waargenomene). Zolang de waarnemer zich onderscheidt van het
waargenomene, is er de drang van vergelijken, van de wil tot verbetering. Dan is
er een centrum, dat zich voorstelt, dat de rest van zichzelf veranderd kan
worden. Er is dus conflict tussen wat-is en wat zou-moeten-zijn.
Waar conflict is, ontstaan en blijven:
- aanvallen
- weerstanden/verdedigingslinies
- verdringing
- onderwerping aan regels
- nabootsingen e.d.
Dat alles kost een hoop aandacht en energie en het lost niets definitiefs op.
Het probleem verdiept zich alleen maar. Je blijft innerlijk op jezelf letten.
Constant is er een stroom van innerlijk gekrakeel. Je hebt totaal geen direct
contact meer met de werkelijkheid. Er hangt een constante wolk van gedachten
tussen jou en je omgeving. In wezen heb je je buiten de stroom van het
werkelijke leven geplaatst. En wat erger is: je hebt niets aan het verkeerde
principe gedaan. Je verkeert een kunstmatige -want bedachte- wereld, die nooit
op jouw gedachten kan reageren.(2) Een uur later
is er weer een nieuwe aanleiding tot een innerlijk conflict.
De kern van het probleem is de vraag wie het is die ziek is, en wie het is die
beter wil worden. Zijn die twee verschillend van elkaar? B.v. 'ik' constateer:
'ik' ben jaloers, dat mag 'ik' niet wezen, dat moet veranderd worden. Je gaat
(iets in) jezelf bestrijden. Het ene 'ik' bestrijdt het andere 'ik', immers de
jaloezie moet weg. Zelfs wanneer deze ogenschijnlijk verdwenen is, blijft er
echter scheiding, dus conflict, want het 'ik' heeft zich onderscheiden,
afgesplitst van de rest. Dat 'ik' blijft n.l. waakzaam op de rest letten. De
rest van het denken laat dat ogenschijnlijk toe, maar dan in werkelijkheid tot
het moment dat een nieuw probleem ontstaat. Je merkt dan als 'ik' dat je de rest
van het denken niet kan beheersen.
Vrijwel zeker zal de jaloezie op een ander moment, in een andere vorm en met
meer kracht terugkeren, want het conflict is niet opgelost. Er is nog steeds een
opgedeeld mens aan het woord. Er zijn in principe geen twee 'ikken'.
De 'ik' die ziek is, is dezelfde 'ik' die beter wil worden. Zij komen voort
uit- en huizen beiden in hetzelfde gebied, n.l. dat van je denken. Je kan jezelf
daarom niet door een wilsinspanning veranderen. Dat kan je ook niet via analyse,
want bij analyse is er weer een analysant als waarnemer en de geanalyseerde als
waargenomene. Het 'ik' analyseert het 'mijzelf' dat niet deugt, dus is er
verdeeldheid en dus conflict.
De oplossing is in wezen simpel. Er is maar één wezen. Dat ben jij. Erken dat
je jaloers of boos bent. Je bent helemaal jaloezie of woede op dat moment.
Veroordeel het niet. Benoem het niet. Bestrijd het niet. Er is geen afzonderlijk
'ik' dat de rest van zichzelf kan beoordelen. Je bent het helemaal zelf. Dat
'ik' dat kijkt is dezelfde jaloezie, als datgene wat denkt die jaloezie
afzonderlijk waar te nemen. Dat geldt ook voor ziekte. Ben je ziek dan ben je
ziek. Zo is het nu eenmaal. Op dat moment ben je helemaal, tot in je wortels
jaloers, bang, naijverig, ziek of wat dan ook. Laat het opbloeien als een bloem.
Houdt het niet tegen.
Wie ben jij dat je denkt te kunnen ingrijpen in dat wat de Natuur aanricht
bij jou? Het gebeurt. Er is geen enkel deel van jou, wat zich daaraan kan
onttrekken. Erken dat volledig. Kijk er van binnen uit naar, zonder oordeel of
afwijzing. Ervaar het. Wees het, maar wees het bewust. Wees er geen slachtoffer
van, maar beleef het zoals het is. Hoe voelt het, waar zit de pijn, wat voel je
nog meer. Benoem het niet. Neem alleen waar wat is. Het is wat het is. Je bent
wat je bent. Wil er niets aan doen. Baal je, dan baal je. Kijk ook daar naar.
Zie alle reacties, maar doe er niets aan! Begin met jezelf
volkomen -zonder enig voorbehoud- te accepteren zoals je bent door alleen te
beleven wat er gebeurt. Er is dan geen strijd meer. Niet jij kijkt, maar
er is alleen observeren, kijken, waarnemen, gewaarworden, beleven, registreren.
Dan is er sprake van volledig, ongedeeld handelen, van een daad zonder
inspanning, er valt niets te verwijten, te zoeken, te bestrijden. Het is een
volledig handelen, alomvattend, zodat wat je nu meemaakt zich nooit meer
herhalen zal. Het is dan uit-geleefd. Verwerkt. Jouw 'ik' is nu voor
het eerst geen deelnemer, geen partij meer geweest. Dan wordt er niets meer als
herinnering nagelaten.
Kan je dit nog niet accepteren, dan zijn er nog meerdere argumenten, die wij
nu gaan bekijken.
4) Wanneer je ziek bent, wat Hier en Nu plaatsvindt, en je wilt koste wat kost
beter worden, dan breng je een verschil aan tussen 'Dat-wat-is' en 'Dat-wat-zou-moeten-zijn'.
Je brengt zo een verschil aan tussen het moment Nu (wat het enige moment is
waarin je het werkelijke leven kan beleven, ja, wat het enige moment is waarop
je leeft) en het Straks (wat bestaat uit een door hoop of angst ingegeven idee).
Hier en Nu is het Leven, straks is een gedachte, zoals ook gisteren een gedachte
is.
Die gedachten zijn afkomstig van het denken, dat maximaal een reactie is op dat
wat er gebeurt. Het denken is een reactie op het leven, en niet het leven zelf.
Houdt dit goed voor ogen. Het denken is maar een heel beperkte functie, welke
alleen kan werken met de informatie, die het zelf heeft verzameld. Het denken is
zijn inhoud. Het denken kan tot nieuwe combinaties komen van bekende feiten,
maar nooit met iets werkelijk nieuws, dat voorheen onbekend(3)
was.
In het leven echter is elk volgend moment totaal nieuw en onbekend. Vraag dat
maar eens aan gokkers en speculanten. Niets ligt ooit vast. Het denken is een
klein onderdeel van het Geheel. Het deel kan het Geheel nooit bevatten. Het
denken kan het leven nooit tot in zijn essentie begrijpen, omdat het er zelf uit
voortgekomen is. Het denken kan zichzelf niet boven zichzelf uittillen. Dat
lijkt alleen maar zo. Ik baal van mijzelf. Wie het is het ik dat baalt en wie is
het ik dat zo negatief beoordeeld wordt. Het zijn schijngestalten van hetzelfde
iets, dat denken heet.
Het geschapene kan het scheppende nooit begrijpen. Dat is een logische Wet.
De Eenheid bevind zich in het Hier en Nu, nooit in onze wereld van ruimte en
tijd. In het Hier en Nu gebeuren dingen onmiddellijk, vanuit de dynamiek van het
leven zelf. Door ons op morgen te richten (morgen wil ik beter zijn), plaatsen
wij ons in de wereld van ruimte en tijd. Er is afstand -ofwel ruimte- tussen wat
Nu is en Straks, en het kost tijd de gewenste situatie te bereiken.
Heelwording kan alleen in het Hier en Nu plaatsvinden, want alleen Hier en Nu
leven wij.
Gisteren bestaat niet meer en over morgen hebben wij geen enkele zekerheid.
In een wereld van ruimte en tijd heerst het denken, pas in het Hier en Nu kunnen
wij contact met onze ziel krijgen, de bron van ons bestaan. Deze bron ìs Eén.
Ons denken heeft daarin geen enkele (positieve) invloed. Het heeft geen toegang
tot het veld, waarin heelwording tot stand komt, omdat denken per definitie
beperkt en verdeeld is. Denken werkt met tegenstellingen. Dat is mooi, dat is
lelijk. Dat is goed, dat is kwaad, daar zeg ik ja tegen, daar nee. Het denken
bestaat louter dankzij het waarnemen en bewerken van tegenstellingen. Het denken
kan zich geen enkel idee vormen van de Eenheid, de Stilte, Oneindigheid,
Eénpuntigheid,
omdat het daar geen toegang tot heeft. Daarom kunnen wij alle ideeën en hoop
over genezing via ons denken, via onze wil, laten vallen. Wat kunnen wij dan?
5) De enige werkelijke fundamentele sleutel is en blijft: Kijk, observeer,
beleef alles bewust. Maar: doe er niets mee, want anders zit je weer in je
denken. Je bent alleen het oog van de camera, niet de cameraman. Er is alleen
gewaarwording, niet iemand die waarneemt. Dat wat kijkt is altijd dezelfde
instantie.
Dat-wat-gezien wordt is altijd veranderlijk. Jouw 'ik', jouw denken, jouw
emoties, jouw rollen zijn altijd veranderlijk. Dat-wat-ziet is onveranderlijk.
Het is alleen kijken of beleven. In het kijken, in het beleven van wat-is, in
wat in feite acceptatie is, ben je één, er stroomt niets meer tussen twee
polen. Er wordt geen voeding meer gegeven aan een strijd. Deze kan niet eens
ontstaan. Je bent alleen het kijken en je identificeer je niet meer met de
conflicten voor je. Dan komt er rust in jouw Geest, in dat wat je bent en kunnen
zich innerlijke aanwijzingen aandienen, die jou meenemen in de constante stroom
van het leven.
Overigens, de acceptatie dient geen inspanning te zijn. Het is louter bewust
zijn van 'Dat-wat-is'. Zelfacceptatie is verder geen vrijbrief om je eventuele
egoïstische motieven bot te vieren. Niet bewuste wezens zijn egoïstisch.
Bewuste wezens zijn dat nooit. Je neemt alles wat je bent, wat zich in- en om je
voordoet, objectief waar. Pas in het zien ontstaat inzicht(4).
Pas d.m.v. inzicht vindt transformatie plaats, want wat niet bij je past, heb je
immers in-ge-zien.
1. Zie Dethleffsen: De zin van ziek zijn
2. Gedachten zijn n.l. een reactie op de werkelijkheid, en
geen vormgevers ervan. Je kan nooit met gedachten, wensen of beelden de
werkelijkheid direct en volgens jouw wensen beïnvloeden.
3. Probeer maar eens een gesprek van 8 Russen te volgen,
wanneer je die taal niet kent. Je staat buiten de werkelijkheid van deze mensen.
Probeer maar eens een wiskundesom op te lossen zonder de kennis van de
benodigde formules.
4. In-zicht = in-zien. Inzichten komen nooit door denken tot
stand, alleen door kijken. Inzichten komen dus nooit uit de werking van ons 'ik'
, van onze persoonlijkheid tot stand. Daarom worden zij ook wel invallen
genoemd. Zij komen van 'buiten' tot ons.
|